Lekker fris, lekker anders?

Misschien ken je ‘m (nog), de reclamecampagne van Heinz sandwich spread uit de jaren 80? Mannen en vrouwen in strakke fitnesspakjes met beenwarmers en grote kapsels die vrolijk een halve bruine of witte boterham in hun mond stoppen. ‘Ik hou van lekker fris, ik hou van lekker anders…’ Als je je het deuntje kunt herinneren, heb je het waarschijnlijk nog wel een tijdje in je hoofd. https://www.youtube.com/watch?v=p53AkS_w4_U

 

Laten we even aannemen dat veel mensen ‘fris’ en ‘anders’ aantrekkelijk vinden. Stel vervolgens dat je wilt laten zien, dat jij ‘fris en anders’ bent in je rol. En waarom mensen dus voor jou zouden kunnen kiezen (of moeten blijven kiezen). Hoe kun je dat dan aanpakken?

Lef

Vanuit het perspectief van personal branding bezien is het van belang om begrijpelijk uit de doeken te doen wat ‘fris en anders’ in jouw geval betekenen. (En dan heb ik het over zaken die relevant zijn voor je vak).

Dit uitdragen vraagt vooral om lef. Durf te laten zien wat je kenmerkt, wat je visie is, wat bij jou past. Wat je beweegt, waar je naar streeft. Om Churchill er maar eens bij te halen: ‘The first quality that is needed, is courage.’

Een veelvoorkomend misverstand is dat lef ‘op de voorgrond treden’ of ‘extraversie’ impliceert. Maar het kunnen bijvoorbeeld juist ingetogenheid en inhoudelijkheid zijn die je onderscheiden van anderen die hetzelfde werk doen. Lef is, dit te uiten.

anders

Bescheidenheid siert?

Lef schuurt nogal eens met bescheidenheid. Aardig wat mensen hebben namelijk de neiging om dat waar ze goed in zijn, als ‘gewoon’ te betitelen. Als iets wat ze niet noemenswaardig vinden omdat het schijnbaar bij hun rol hoort.

Dat sluit uitstekend aan bij de uitspraak ‘Bescheidenheid siert de mens’. Maar ís het echt zo sierend? Wie eerlijk is (en niet doorslaat naar narcisme) mag toegeven dat hij ergens (erg) goed in is. Dat is noch een zonde, noch grootsprekerij.

Zo ben ik expressief en krijg ik wel eens te horen dat ik goede vragen stel. Lange tijd ben ik er onbewust van uitgegaan dat dit inherent is aan het communicatie-vak. Dat iederéén in die branche veel (persoonlijke) vragen stelt om de ander te helpen zich uit te drukken, duidelijker naar buiten te treden. Tot ik er steeds meer achter kwam, dat dit één van de zaken is die mij in mijn rol als adviseur kenmerkt. Vandaar dat ik het sindsdien ook benoem.

Het is helpend om zichtbaar te maken wat jou wérkelijk karakteriseert, náást je expertise. Ook al ben je zelf van mening dat  je ‘toch gewoon goed bent in je werk’. Want dat mag zo zijn, het is verstandig om je noeste arbeid (die je wellicht min of meer in het verborgene verricht) te duiden. Durf je te laten zien.

Warm lopen

Vermijd wanneer je over jezelf spreekt weinig zeggende termen als ‘resultaatgericht’ of ‘professioneel’. Woorden waar nogal wat van mijn opdrachtgevers mee op de proppen komen als ze hun tekst voor een elevator pitch schrijven. Dit soort kreten zijn namelijk gemeengoed geworden (waarmee ze bewezen niet-onderscheidend zijn). En wie is er nu op zoek naar een non-professional?

Expliciteer je talenten en kwaliteiten en leg uit wat jouw connotatie erbij is. Laat de ander voelen waar je bloed sneller van gaat stromen, waar je warm voor loopt. En verbind het (mondeling of schriftelijk) uitdragen van dat waar je goed in bent niet met woorden als arrogant, pompeus of zelfingenomen. Want je kunt het evengoed met ‘trots’ betitelen.